ESAEducationHoofdpaginaWeer en klimaatOpwarming van de AardeNatuurrampen
   
Kustverandering
DonaudeltaOlievlekken
Ontbossing
Nationaal park BardiaBassin van de CongorivierOlifantenreservaat Kaming SonitpurKilimanjaroRondoniaShillong en Guwahati
Ijs
Antarctica 2003Gletsjers analyseren met radarbeeldenKlimaatverandering en gletsjersTerugtrekken van gletsjers in de AlpenStroming van gletsjerijsObservatie van gletsjers in de HimalayaRemote sensing van ijs en sneeuw
Verstedelijking
CaïroCordobaKathmanduHimalayaKathmanduvalleiLagos
Vegetation
Beschermd natuurgebied AnnapurnaSpoorloos in de AndesNgorongoro Conservation AreaBinnendelta van de NigerZuid-Amerika
 
 
 
 
 
printer friendly page
Landsat-satellietbeelden van terugtrekkende gletsjers in het Andesgebergte van Peru, Zuid-Amerika
Achtergrond
 
De massabalans van een gletsjer is het verschil tussen de massa van het in een jaar geaccumuleerde ijs (bv. door sneeuwval) en de massa van het in hetzelfde jaar verdwenen ijs (bv. door afsmelten of afkalven).
 
Met het verloop van de seizoenen krimpen gletsjers en groeien ze weer aan. In de zomer gaat er ijs verloren door afkalven en smelten, en in de winter stapelt de vaste neerslag zich op de sneeuw- en ijsmassa die in de zomer niet is gesmolten. Als er in een jaar meer sneeuw en ijs bijkomen in het accumulatiegebied dan er smelten in het ablatiegebied, is de massabalans positief en groeit de gletsjer. Als de ablatie sterker is dan de accumulatie, is de massabalans negatief en krimpt de gletsjer. Veranderingen in de massabalans worden uitgedrukt als veranderingen in lengte, volume en oppervlak van de gletsjer. Het volume van een gletsjer die zich heeft gevormd naar het huidige klimaat (die in balans is) verandert niet significant in de loop der jaren.  
 
Model of a glacier
Model van een gletsjer met accumulatiegebied, ablatiegebied, gletsjermeer en morene
 
Op een veel grotere tijdschaal kunnen veranderingen in de baan van de aarde rond de zon invloed hebben op het klimaat en de vorming van gletsjers, wat het ontstaan van ijstijden verklaart.

De variaties in de excentriciteit, helling en precessie van de aarde worden samen de Milanković-cyclus genoemd. Als de Milanković-cyclus zich in een fase bevindt die gunstig is voor een koelere aarde, groeit het ijsoppervlak wereldwijd sterk aan, waardoor de afkoeling wordt versterkt. Dit is het zogenaamde albedo-effect.

Wanneer zonne-energie op een helder oppervlak zoals sneeuw of ijs valt, wordt tot 90% van die energie teruggekaatst de atmosfeer in. Daarentegen nemen donkerder landstreken een veel groter percentage zonne-energie op, waardoor ze opwarmen. Als de zonne-energie dus vooral wordt weerkaatst door ijs en sneeuw, zal de aarde als gevolg van de sterke albedo koeler zijn dan bij minder sneeuw en ijs, zodat het klimaat na verloop van tijd kouder wordt.

Dit wereldwijde albedo-effect op de klimaatverandering wordt vooral veroorzaakt door de ijskappen van Groenland en Antarctica, en door zeeijs. De albedo van kleinere gletsjers is alleen van invloed op de plaatselijke omstandigheden.

De koudste periode van de laatste ijstijd (het zogenaamde Laatste Glaciale Maximum) was ongeveer 18.000 jaar geleden. De ijskappen en gletsjers in het noorden van Europa en Noord-Amerika groeiden zo sterk aan dat het zeepeil ongeveer 120 meter daalde.

In onze tijd is de ablatie van gletsjers op de meeste plekken op aarde groter dan de accumulatie. Dat komt overwegend door de toenemende temperaturen in de atmosfeer. Die toenemende temperaturen zijn grotendeels weer het gevolg van het toegenomen broeikaseffect, dat wordt veroorzaakt door de uitstoot van gassen in de industrielanden. De meeste gletsjers op aarde krimpen dan ook.
 
 

The Steigletscher (1994) in the very east of the Berne canton in
De Steingletsjer (1994) in het uiterste oosten van het kanton Bern in Zwitserland
 
 
The Steigletscher  (2004) in Switzerland
De Steingletsjer (2004) in het uiterste oosten van het kanton Bern in Zwitserland
 
 
Als je de opnamen van de Steingletsjer uit 1994 en 2004 met elkaar vergelijkt, zie je het gevolg van de disbalans tussen accumulatie en ablatie, namelijk het terugtrekken van de gletjser. (Zie GoogleEarth-bestand - locatie 3.12). Zoek op internet informatie over krimpende gletsjers op. Noteer het gebied en het continent waar ze liggen en vergelijk je bevindingen met die van je klasgenoten.

Indrukwekkende foto's van krimpende gletsjers vind je op http://www.swisseduc.ch/glaciers/big_melt/index-en.html, en http://www.gletscherarchiv.de/en/fotovergleiche

Kijk in het GoogleEarth-bestand in het menu rechts of je tekenen kunt vinden die erop wijzen dat de gletsjer zich heeft teruggetrokken. Denk aan een meer onderaan de gletsjer of een tong die nu een veel kleiner gebied bestrijkt (te herkennen aan het verloop van de morenen).
 
 

 


Klimaatverandering en gletsjers
Inleiding
Oefeningen
Inleiding werkbladOefening 1: Inspectie van RGB-composietbeelden in echte kleurenOefening 2: AnimatieOefening 3: BandaritmeticaOefening 4: GISOefening 5: Meting van oppervlakOefening 6: Multitemporale analyseConclusies
Eduspace - Software
LEOWorks 4 (MacOS)LEOWorks 4 (Linux)LEOWorks 4 (Windows)
Eduspace - Download
Andes_images.zipGoogleEarth file
 
 
 
   Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.