De oplossing voor het Ebola-mysterie: satellieten leveren aanwijzingen

Ebola is zeer besmettelijk
22 december 2003

Een nieuwe uitbraak van de hemorragische koorts Ebola teistert het noordwesten van Kongo. ESA staat klaar om satellietgegevens te verzamelen die een bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van het wetenschappelijke mysterie van deze dodelijke ziekte.

Wanneer Ebola Centraal Afrika teistert, maakt de ziekte vele slachtoffers. Tijdens de laatste epidemie in het dorp Mbomo in de westelijke Cuvette-regio van Kongo in de buurt van de grens met Gabon zijn meer dan twee duizend mensen aan de ziekte bezweken.

Deze ziekte kan zowel bij mensen als bij apen tot zware interne en externe bloedingen leiden. Het Ebola-virus vindt zijn oorsprong zonder enige twijfel in de diepe oerwouden, maar de natuurlijke gastheer is onbekend.

Afrikaanse landen in de greep van het Ebola-virus

“Mensen raken alleen besmet als zij direct contact hebben met een besmet dier,” aldus Ghislain Moussavou van het International Centre for Medical Research (CIRMF) in Gabon .

“In Gabon en Kongo hadden wij geen uitbraken onder mensen tussen 1998 en 2000, maar wij kunnen niet met zekerheid zeggen of er in die tijd geen epidemieën onder de dieren zijn uitgebroken. Meestal loopt de dierenpopulatie grote schade op – vooral gorilla’s en chimpansees.”

De oorsprong van de huidige epidemie in Kongo kon worden teruggevoerd naar eind oktober toen jagers uit het dorp Mbomo een wildzwijn hadden gegeten dat zij dood in de jungle hadden gevonden.

Het feit dat geïnfecteerde dieren ziek worden en aan de gevolgen van Ebola doodgaan, bewijst dat zij niet de ongrijpbare gastheer van het ziektevirus zijn. CIRMF – uitgerust met een zeer zeldzaam laboratorium voor bioveiligheid van niveau 4 dat werd ontwikkeld voor onderzoek naar gevaarlijke ziektekiemen – jaagt op dit moment op het organisme dat als langdurige gastheer voor het virus fungeert. Hiervoor wordt het bloed van gevangen jungledieren onderzocht.

Maar de grote biologische diversiteit en geografische ontoegankelijkheid van de regenwouden van Centraal Afrika maken dit tot een erg lastige taak.

Radarbeelden van delen van een onderzoeksgebied

In het kader van een nieuw project, genaamd Epidemio, zal ESA vanaf volgend jaar aardobservatiegegevens van de regio aan CIRMF doorgeven.

Moussavou hoopt dat deze gegevens – eenmaal geïmporteerd in de software van een geografisch informatiesysteem (GIS) – meer informatie kunnen bieden: “Gegevens over de ecologische parameters van het hele onderzoeksgebied kunnen gewoonweg niet alleen via grondonderzoek worden verzameld. Via het zogenoemde remote sensing en een GIS kunnen wij deze gegevens tegen lage kosten verzamelen en bovendien regelmatig bijwerken.”

Het CIRMF-team dat het bloedonderzoek van de dierenpopulaties uitvoert concentreert zich op het gorillareservaat in Lossi (Kongo) waar tijdens de afgelopen epidemieën een grote sterfte onder de dieren kon worden vastgesteld. Lossi ligt echter diep in het oerwoud, meer dan 15 km vanaf de meest dichtbijgelegen begaanbare weg. Het reservaat zelf beslaat een gebied van 400 km2 en een volledige steekproef is praktisch niet haalbaar gezien de daarvoor vereiste tijd en ruimte.

“Wij gaan ervan uit dat er meer geïnfecteerde locaties in het oerwoud te vinden zijn. Als wij onze onderzoeksgebieden goed willen spreiden voor een meer efficiënt bloedonderzoek, zullen deze gebieden dus eerst moeten worden geïdentificeerd en beschreven. Via remote sensing kunnen wij dergelijke gebieden in kaart te brengen en ons op de plaatselijke onderzoekstaken concentreren.”

Als de gebieden met geïnfecteerde dieren in een GIS worden vastgelegd, kunnen gebieden met gelijksoortige eigenschappen worden aangemerkt als mogelijke risicogebieden die met voorrang moeten worden onderzocht. In de toekomst wil CIRMF bovendien een studie over de prevalentie van Ebola-antistoffen bij mensen uitvoeren, zodat de potentiële risicogebieden voor infectie kunnen worden vastgesteld.

“Met een GIS zijn wij in staat om gegevens van verschillende bronnen te beheren, te organiseren en te bekijken,” voegt Moussavou toe. “Hiervan uitgaande, zullen wij een ruimtelijk en tijdgebonden onderzoek naar de vegetatiestatus uitvoeren en de fluctuaties in het waterniveau en klimaatveranderingen onderzoeken – al deze gegevens zullen wij via satellieten verkrijgen.”

Gedetailleerde meteorologische gegevens – die momenteel nog nauwelijks beschikbaar zijn – kunnen een belangrijke bijdrage leveren, omdat uit onderzoek is gebleken dat de periodiciteit van Ebola-uitbraken aan weersomstandigheden is gerelateerd: “Hieruit kunnen wij opmaken dat specifieke ecologische factoren van invloed zijn op de habitat van de gastheer,” concludeert Moussavou.

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.