Grootste deel wetenschap aan boord van het ISS Europees

Het ISS, gezien vanuit de spaceshuttle Discovery op 15 juli 2006 terwijl ESA's Thomas Reiter voor een half jaar in het ruimtestation achterblijft
28 juli 2006

ESA-astronaut Pedro Duque vertelde onlangs tijdens een congres in Toledo in Spanje dat Europa het meest aan wetenschap doet aan boord van het internationaal ruimtestation ISS.

Het congres had als thema de wetenschap tijdens Sojoez-missies met Europeanen aan boord naar het ISS. Duque verwees naar de experimenten die tijdens zes zogenaamde taxi-vluchten van Europese astronauten naar het ruimtestation werden uitgevoerd.

"De Sojoez-missies hebben van Europa de belangrijkste wetenschappelijke gebruiker gemaakt van het internationaal ruimtestation ISS", aldus Pedro Duque. Eén van die missies was de vlucht Odissea met de Belgische ESA-astronaut Frank De Winne in 2002.

Wetenschappelijk bilan

Columbus transfered to work stand KSC
De Europese laboratoriummodule Columbus voor het ISS wordt op het Kennedy Space Center in Florida in afwachting van een lancering met de spaceshutte

Het Russisch ruimteschip Sojoez doet dienst als reddingssloep voor het ISS. Er moet steeds een exemplaar aan het ruimtestation zijn vastgemaakt, zodat de bemanning van het station in geval van nood veilig naar de aarde kan terugkeren.

Elk half jaar moet de Sojoez vervangen worden door een nieuw exemplaar en dat gebeurt tijdens de taxi-missies.

Omdat er aan boord van het driepersoonsruimteschip dan altijd een zitje vrij is konden sinds 2001 vijf ESA-astronauten een lift krijgen naar het ruimtestation voor de missies Andromède, Marco Polo, Odissea, Cervantes, Delta en Eneide.

In ons land kreeg de missie Odissea met aan boord de Belgische ESA-astronaut Frank De Winne in 2002 behoorlijk veel aandacht.

Tijdens deze missies werden meer experimenten uitgevoerd dan gedurende de rest van de tijd dat het station operationeel is. Toch duurden de vluchten van de Europese astronauten amper iets langer dan een week. In Toledo kon dan ook een bilan worden opgemaakt van het bijzonder intensieve werk dat de Europese astronauten verzet hebben en dat nu door de Duitse ESA-astronaut Thomas Reiter wordt voortgezet tijdens een missie van een half jaar aan boord van het ISS.

Biologie, fysiologie, technologie

Soyuz TMA-1 docking
Frank De Winne vloog in 2002 met het ruimteschip Sojoez TMA-1 tijdens een "taxi-vlucht" naar het ISS

"Deze vluchten werden voorbereid en tot een goed einde gebracht in bijzonder weinig tijd en het ontbrak ons tot nu toe aan een rustig moment om alle wetenschap die we hebben geproduceerd samen te brengen ", merkte Duque op.

"Hoewel internationale samenwerking steeds voorop staat, zorgde het nationale karakter van de missies ervoor dat er vaak tijdens de verschillende vluchten experimenten werden uitgevoerd die, hoewel ze onderling wel verband hielden, toch vrij onafhankelijk van elkaar werden uitgevoerd."

"Hier in Toledo is het de eerste keer dat alle deelnemers aan de Sojoez-vluchten elkaar onder hetzelfde dak konden ontmoeten."

De uitgevoerde experimenten kunnen in drie grote groepen worden onderverdeeld. Op het vlak van de biologie wordt bestudeerd hoe levende wezens zich aanpassen aan de omstandigheden in de ruimte. Bij de menselijke fysiologie zijn de astronauten zelf proefpersoon om deze gevolgen te bestuderen voor de mens. En bij natuurkundige en technologische experimenten worden systemen en materialen in de ruimte onderzocht.

Lessen voor de toekomst

Cardiocog experiment
De Spaanse ESA-astronaut Pedro Duque tijdens het experiment Cardiocog aan boord van het ISS

"De experimenten die met eenvoudige apparatuur konden worden uitgevoerd, vooral die op het vlak van biologie en menselijke fysiologie, waren het talrijkst", zegt Roberto Marco van het Spaanse centrum voor biologisch onderzoek.

"De meeste biologische experimenten laten zien dat levende wezens, van micro-organismen tot planten en dieren hun gedrag aan de omstandigheden in de ruimte kunnen aanpassen. Dit werd bevestigd door de experimenten over menselijke fysiologie, waarbij de medewerking van de astronauten als proefpersonen absoluut noodzakelijk was."

"De Sojoez-missies waren een uitstekende gelegenheid om aan onderzoek te doen", meent Benny Elmann Larsen van ESA. Maar alles kan beter. "We hebben geleerd dat gelijkaardige missies in de toekomst gebaseerd moeten zijn op ervaring en meer voorbereiding nodig hebben."

"We moeten goed uitgekozen experimenten uitvoeren die beter overeenstemmen met de typische eigenheid van een missie", aldus Larsen.

Meer informatie

Benny Elmann Larsen
ESA
Benny.Elmann-Larsen@esa.int

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.