Nieuw boek vertelt het verhaal van de
Belgen in de ruimte

België is een actieve deelnemer aan het avontuur van de ruimte
5 november 2004

België is een klein land. Misschien droomde het daarom al heel vroeg over de sterren en de oneindigheid van het heelal, waarin het zijn verbeelding de vrije loop kon laten. In het pas verschenen boek Belgen in de ruimte vertellen vier journalisten en historici in woord en vooral in beeld over het Belgisch ruimteavontuur.

In een typisch Belgische kunstvorm - het stripverhaal - kon het grote publiek al voor de lancering van de eerste Spoetnik op 4 oktober 1957 kennismaken met het avontuur van de ruimte. Lang voor de ruimtevluchten van Dirk Frimout en Frank De Winne reisden Kuifje, kapitein Haddock en professor Zonnebloem al naar de maan. Later ging België met uitmuntend wetenschappelijk en technologisch onderzoek in het hele land ook concreet aan ruimtevaart doen, tot grote bewondering van zijn Europese partners.

Belangrijke troeven

Dans les années 80, l'expo mobile Space Center est allée à la re
De mobiele tentoonstelling Space Center

Het is dit deel van het collectieve geheugen, van gemeenschappelijke verbeelding dat het boek Belgen in de ruimte (176 bladzijden, 200 kleurenfoto's) wil doen herleven.

Het is niet alleen bedoeld voor de medespelers van weleer, tijdgenoten van de geboorte van het Europees ruimtevaartagentschap, maar ook en vooral voor de jongeren van vandaag die een groot Europa zien ontstaan waarin ook de ruimtevaart een plaats moet hebben.

Het boek kwam tot stand met de medewerking van het Federaal Wetenschapsbeleid en het werd in het planetarium te Brussel voorgesteld door Minister van Wetenschapsbeleid Marc Verwilghen. Het vertelt hoe de Belgen hun plaats hebben gevonden, een rol spelen en zich manifesteren in het Europa van de ruimtevaart.

In de jaren '60 heeft ons land in dit opzicht drie grote troeven op tafel gegooid:

Op wetenschappelijk vlak toonden professoren aan universiteiten en onderzoekers in wetenschappelijke instellingen een grote belangstelling voor het nieuwe domein van de ruimte en ze wilden het heelal en de naaste omgeving van de aarde beter leren kennen.

Op politiek vlak begrepen de bewindsvoerders de internationale dimensie van het ruimteavontuur en ze wilden de ruimtevaart een Europees kader geven.

Op industrieel vlak hebben bedrijven de uitdagingen aangegaan om de moeilijke weg naar de ruimte te vinden. Ze hebben risico's durven nemen bij de ontwikkeling van nieuwe technologieën.

Een gewaardeerde plaats

Le village ardennais de Redu a hérité d'un exemplaire complet du
Een Europese raket in Redu

Aldus kon België een gewaardeerde plaats veroveren binnen de Europese ruimtevaart. Ons land heeft er alles aan gedaan om zijn troeven niet uit handen te geven, in het bijzonder op educatief vlak.

Zo is er onder meer het Euro Space Center in de provincie Luxemburg, een internationale referentie waar ook ruimteklassen plaatsvinden, en zijn er enthousiaste Belgen aan het werk binnen het Education Department van ESA.

Tot in de jaren '90 miste België wel een economische troef, de exploitatie en het commerciële gebruik van de toepassingen en spinoffs van de ruimtevaart. Als gevolg van een zekere rem door internationale reglementeringen liep België op dit vlak achterop. Ze hadden misschien net als onze buren in het Groot-Hertogdom Luxemburg een systeem van televisiesatellieten kunnen uitbaten.

Maar België heeft op dit vlak zijn les geleerd en het gooit zich nu ook in de ruimtebusiness. Er zijn bedrijven die letterlijk een hoge vlucht nemen op het vlak van toepassingen van ruimtetechnologie. Ze maken terminals om grote hoeveelheden satellietgegevens op te vangen, ontwikkelen nieuwe producten en diensten en de Belgische industrie neemt zelfs deel aan een pan-Afrikaans systeem voor telecommunicatie via satelliet…

Van technologie tot kunst

Scupture belge sur la Lun
Belgische kunst op de maan

Het boek besteedt uiteraard ook aandacht aan de twee Belgen die al een ruimtevlucht hebben gemaakt.

Dirk Frimout vloog in 1992 met de spaceshuttle Atlantis mee voor de missie ATLAS 1, waarbij de atmosfeer werd bestudeerd. ESA-astronaut Frank De Winne ging in 2002 werken aan boord van het International Space Station en testte het vernieuwde Russische ruimteschip Sojoez TMA-1.

Maar ook alle andere landgenoten die op de een of andere manier deelnemen aan ruimteonderzoek mogen terecht Belgen in de ruimte worden genoemd. Opmerkelijke realisaties zijn in dit opzicht de in België vervaardigde ESA-kunstmaan PROBA 1 en, op artistiek vlak, het beeldje van Paul Van Hoeydonck dat door de astronauten van Apollo 15 op de maan werd achtergelaten.

Frank De Winne schreef het voorwoord voor het boek dat werd geschreven door historica Dawinka Laureys en de ruimtevaart- en wetenschappelijke journalisten Christian Du Brulle, Théo Pirard en Benny Audenaert. De publicatie is al een voorbode van de komende herdenking van 30 jaar ESA en 175 jaar België in 2005.

Info

Belgen in de ruimte (ISBN 90-209-5901-8) is gepubliceerd door Lannoo en verscheen ook in het Frans (ISBN 2-87386-360-09) en het Engels (ISBN 2-87386-363-3) als respectievelijk Une odyssée de l'espace, les Belges dans les étoiles en Belgians in space bij Editions Racine.

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.