Senator François Roelants du Vivier: "ESA is ons ruimteagentschap"

Het centrum van Brussel gefotografeerd door de aardobservatiesatelliet SPOT 5
15 juni 2006

De Brusselse senator François Roelants du Vivier is voorzitter van de achtste Europese interparlementaire ruimtevaartconferentie (EIRC). Hij is een vurig voorstander van Europese samenwerking in de ruimte.

Deze parlementair uit Brussel is 58 jaar en is archeoloog en kunsthistoricus. Hij is bijzonder fier op de rol die België binnen Europa speelt op het vlak van de ruimtevaart en in het bijzonder de onderzoekers (de Ruimtepool van Ukkel, de Brusselse universiteiten en het Microgravity Research Center) en de industrie (SABCA, Numeca) van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Hij ziet ruimtevaarttechnologie als een middel om waardevolle producten, diensten en jobs te ontwikkelen.

Samen met verschillende leden van het Belgisch parlement was de senator op 27 mei aanwezig bij de lancering van de 27ste Ariane 5 vanuit Europa's ruimtehaven in Kourou, Frans Guyana. Daarbij werd een recordlading van 9212 kilogram in een geostationaire transferbaan gebracht.

François Roelants du Vivier
Senator François Roelants du Vivier

Het ging om de telecommunicatiesatellieten Satmex 6 (Mexico) en Thaicom 5 (Thailand). In Kourou toonde Roelants du Vivier zich enigszins ongerust over de toekomst van de Belgische onderaannemers bij de huidige herstructurering van de Europese ruimtevaartindustrie. "De rationalisatie van de industrie is één zaak tot op een zekere hoogte. Maar een situatie waarbij een monopoliepositie ontstaat is voor ons niet houdbaar."

Moet België daarom geen nationaal ruimtevaartagentschap hebben?

We hebben de politieke wil ons vastberaden in een Europese dimensie te situeren. Daar hangt de toekomst van België in de ruimte mee samen. Een nationale structuur zou ons in zekere zin op onszelf richten. Daarom moeten we onze partners, die soms neigen naar een zeker economisch patriottisme en daarbij hun nationale belangen voor ogen hebben, duidelijk maken dat we alle vertrouwen hebben in het Europees ruimtevaartagentschap ESA als supranationale onderneming.

Wil men de Belgische ruimtevaartinspanningen niet regionaliseren en ze over de drie regio's verdelen?

Ik ben en blijf er een vurig voorstander van dat ruimtevaart een federale competentie van ons land blijft. De regio's hebben natuurlijk eigen competenties ontwikkeld dankzij technologische niches die op Europees niveau bijzonder gewaardeerd worden. Maar België moet met één stem spreken binnen de Europese Unie en ESA. Ons ruimtevaartagentschap is ESA. Binnen ESA zijn we het kleinste van de grote lidstaten of, als u het zo stelt, het grootste van de kleine landen! Als we onze inspanningen gaan versnipperen, dan verloochenen we precies onze reputatie en onze specifieke capaciteiten. En dat zou voor de drie regio's schadelijk zijn. Daarom hebben we geen nationaal agentschap nodig. Daar staat wel tegenover dat er meer zou moeten worden samengewerkt tussen het federale België en de regio's volgens het principe van de subsidiariteit. Dat moet er ook zijn tussen de Europese landen om het succes van de Unie op globale schaal te kunnen verzekeren.

Equipe EMA Vega
Ontwikkeling van elektromechanische apparatuur voor de servobesturing van de Vega-lanceerraket

Wat betekent ruimtevaart voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest?

Bij Europese ruimtevaartprogramma's zijn hier een duizendtal mensen rechtstreeks betrokken. Dat is niet slecht voor een regio met een oppervlakte van slechts 162 vierkante kilometer en ruim een miljoen inwoners. En vooral omdat ruimtevaart een sector met een grote toegevoegde waarde is en met hooggekwalificeerde jobs. En het is ook een sector die wetenschappelijke onderzoek en industriële activiteit vermengt met technologische en commerciële toepassingen.

Jobs creëren is een grote uitdaging voor Brussel?

Werkgelegenheid is voor Brussel een grote prioriteit. We hebben te maken met een paradox, een universeel verschijnsel dat we in elke hoofdstad terugvinden. Met zijn Europese instellingen zorgt Brussel enerzijds voor de grootste werkgelegenheid in België. Maar het zijn niet noodzakelijk de Brusselaars die daar het meest van profiteren. Mensen die in een grote stad werken, vestigen zich immers vaak in de omgeving. Economische en fiscale maatregelen moeten bedrijven aanmoedigen te investeren in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en er nieuwe jobs te creëren.

Welke rol kan BRUSPACE, dat u heeft helpen oprichten, daarbij spelen?

BRUSPACE is een drukkingsgroep, die aan lobbying doet. BRUSPACE verenigt de professionele belangen van de onderzoekers en de ruimtevaartindustrie en moet aan economische en politieke besluitvormers duidelijk maken wat er op dit vlak op het spel staat en wat zijn leden verwachten. Toen ik zag dat er al twee professionele verenigingen bestonden in de twee andere regio's van ons land (de Vlaamse Ruimtevaart Industriëlen (VRI) en Wallonie Espace), werd ik me ervan bewust dat er in Brussel nog een leemte bestond. Die moest opgevuld worden. Ik dacht daarbij helemaal niet aan een competitie met de Vlaamse en Waalse organisaties. Met BRUSPACE beschikt Brussel over een eigen instrument, dat kan samenwerken met anderen. BRUSPACE heeft zijn nut al op regionaal niveau bewezen. Er is uitwisseling van informatie tussen de leden en het levert reeds gegevens die vanuit de regionale administratie wordt gevraagd op het vlak van producten en diensten uit de ruimtevaart. Ik hoop - en dat is vrij dringend - dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zich echt bewust wordt van het belang van BRUSPACE en het de nodige bestaansmiddelen zal geven. Vlaanderen en Wallonië hebben dat bij de ondersteuning van hun respectieve verenigingen al begrepen.

'Zero-G' Airbus A300 for parabolic flights
De Airbus A300 'zero G' biedt middelbare scholieren de kans in gewichtloosheid experimenten uit te voeren

Hoe wil men jongeren warm krijgen voor een wetenschappelijke of technologische loopbaan?

Naar aanleiding van een speciale ruimtevaartdag hebben we met BRUSPACE de Brusselse bevolking willen doen kennismaken met ruimtevaartbedrijven. Zo konden de mensen het belang zien van de return, die ontstaat uit nieuwe producten en diensten. We zijn ook blij met de activiteiten van het Prins Filipfonds met zijn forum Ruimtevaart en Onderwijs. Ook kunnen jongeren, dankzij ESA, op het eind van hun humaniora in gewichtloosheid experimenten uitvoeren tijdens parabolische vluchten met de Airbus A300 'Zero G'. Bij de volgende campagne in september zal dit bijzondere vliegtuig landen in de Belgische hoofdstad. Verder lanceerde de Belgische Senaat nog de OdISSea-prijs, die het werk van studenten in het hoger onderwijs beloont. Meer dan ooit moeten we investeren in onderwijs. In Brussel beschikken we op dit vlak over uitstekende hulpmiddelen, zoals het planetarium en de vele musea en tentoonstellingen.

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.