Belgie bouwt eerste satelliet

PROBA satelliet
19 oktober 2001

Tussen 21 en 31 oktober gaat de eerste in België gebouwde satelliet, Proba, omhoog. Proba, een zelfstandig werkende aardobservatiesatelliet, maakt deel uit van het Technology Demonstration Programme van ESA. De lancering zal plaatsvinden vanaf de Indiase lanceerbasis Shriharikota.

Polaire baan

Proba lift als ‘piggyback payload’ mee aan boord van India's Polar Satellite Launch Vehicle (PSLV). Dit kan omdat het maar een zeer kleine satelliet betreft meet een afmetingen van 60 x 60 x 80 cm en een gewicht van 100 kg. De satelliet moet in een 570 - 638 km hoge, zonsynchrone poolbaan terechtkomen. De andere te lanceren satellieten zijn de Indische hoofdsatelliet voor remote sensing TES en de eveneens meeliftende Duitse aardobservatiesatelliet BIRD.

Proba (PRoject for On-Board Autonomy) mag klein zijn voor een Europese satelliet. Maar hij effent het pad voor zeer belangrijke, toekomstige missies. Proba moet laten zien dat een kleine satelliet zelfstandig kan overleven in de ruimte, er een wetenschappelijk programma kan uitvoeren, en dat alles met zo min mogelijk controle vanaf de aarde. Proba werkt zo goed als autonoom en kan zelfstandig beslissingen nemen wat betreft positiebepaling, standregeling en navigatie. Het boordcontrolesysteem van Proba is vijftig maal krachtiger dan bijvoorbeeld dat van ESA’s grote zonneverkenner SOHO.

Proba’s unieke ontwerp en boordcontrolesysteem zijn het resultaat van nauwe samenwerking tussen ESA en het Belgische bedrijf Verhaert, alsmede het Britse Space Innovations Ltd. (SIL), het Finse Space Systems Finland (SSF), de Canadese Université de Sherbrooke en de Belgische bedrijven Spacebel Informatique en SAS.

Autonomie

Dat Proba autonoom kan werken, moet worden gedemonstreerd aan de hand van wetenschappelijke opdrachten. Daarvoor is een aantal instrumenten aan boord die grote eisen gaan stellen aan de aanwezige technologie.

Het hoofdinstrument is CHRIS (Compact High Resolution Imaging Spectrometer) van het Britse bedrijf SIRA. Dit toestel maakt multispectrale opnames in zowel zichtbaar licht als in het infrarood. Elke opname omvat een gebied van 19 x 19 km en wordt gebruikt voor de studie van de vegetatie op aarde en aërosols in de lucht. Het scheidend vermogen bedraagt 25 meter.

Nast CHRIS zijn er nog twee kleinere camera’s aan boord: de High Resolution Camera (HRC) en de Wide Angle Camera (WAC). Beide zwart-wit camera’s zijn van Belgische makelij. De hoge-resolutiecamera fotografeert gebieden van 5 x 5 km met een scherpte van 10 meter. De groothoekcamera neemt beeldvelden op van 450 x 600 km. Beide camera’s worden ook gebruikt door een twintigtal Belgische scholen in het kader van het EDUcative Project for On-Board Autonomy (EDUPROBA), dat werd georganiseerd door Verhaert in samenwerking met de Euro Space Foundation.

Naast de camera’s zijn er nog twee instrumenten aan boord van PROBA. Het eerste is DEBIE (DEBris In-orbit Evaluator) uit Finland. Het instrument verricht metingen van de massa, inslagsnelheid en doordringingskracht van het stof rond de satelliet. Het is de eerste keer dat dit gebeurt vanuit een polaire baan. Volgens de huidige modellen worden enkele inslagen per dag verwacht. Het tweede instrument is SREM (Standard Radiation Environment Monitor) en is van Zwitserse makelij. Dit toestel meet de invloed van elektronen en protonen en de totale stralingsdosis.

Directe toegang via Internet

De opnames van de aarde door de camera’s worden direct naar een webserver bij het ESA-grondstation in het Belgische Redu gezonden. Via Internet hebben onderzoekers dan direct toegang tot de waarnemingen van de satelliet.

Als de lancering is gelukt, zal Proba eerst drie maanden lang in worden getest. De tests vinden door Verhaert plaats vanuit het grondstation Redu in de Ardennen. Daarna wordt de satelliet aan ESA overgedragen. Proba zou in principe twee jaar moeten kunnen werken. In die twee jaar zal de satelliet niet alleen wetenschappelijke waarnemingen verrichten, maar zullen ook heel wat technische tests plaatsvinden om na te gaan in hoeverre de satelliet onafhankelijk kan werken. De sonde zal wellicht een aantal keren in een penibele situatie worden gebracht om na te gaan of hij zich daar zelfstandig uit kan redden.

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.