'Herschel' gaat Kuipergordel onderzoeken

Het onstaan van een reuzenplaneet als Jupiter
22 december 2000

Bij de viering van de feit dat tweehonderd jaar geleden het infrarode deel van het licht werd ontdekt, vernoemde ESA de in 2007 te lanceren Far Infrared and Submillimeter Telescope (FIRST) naar de ontdekker, Sir William Herschel. Het 'Herschel Space Observatory' gaat onder andere de Kuipergordel onderzoeken. In die naar de Nederlandse astronoom Gerard Kuiper vernoemde gordel voorbij de planeet Neptunus gaan vermoedelijk zo'n tienduizend ijsachtige mini-planeetjes en andersoortige objecten schuil.

Er zijn nog een hoop onontdekte planeetjes in ons zonnestelsel. Sterrenkundigen weten nog maar weinig over de verder dan Neptunus gelegen objecten. De Nederlandse astronoom Gerard P. Kuiper (1905-1973) voorspelde vijftig jaar geleden een hele gordel van ijs- en rotsblokjes voorbij Neptunus. De eerste, daadwerkelijke ontdekking van een ijsachtig object in de 'Kuipergordel' vond pas in 1992 plaats. In de jaren daarna werden er nog eens driehonderd van ontdekt. Geschat wordt dat er in totaal circa tienduizend 'Kuiper Belt Objects' zijn met een diameter groter dan 300 km en misschien wel drie miljoen met een diameter groter dan 30 km.

Nog steeds worstelt de wetenschap vragen over het ontstaan en de samenstelling van de objecten in de Kuipergordel. Sommige ervan vallen dichter naar de zon toe. Dan worden ze kometen, die door de toegenomen zonnewarmte een lange staart ontwikkelen.

Artist's impression of the Herschel Space Observatory
Herschel Space Observatory

Grote infrarood-ruimtetelescopen als 'Herschel' zijn de enige die meer informatie over de Kuiperobjecten kunnen verschaffen. Weliswaar wordt momenteel de bouw van een hele nieuwe generatie van infraroodtelescopen op aarde voorbereid. Maar de aardatmosfeer blokkeert het grootste deel van het infrarode licht . Daarom is ESA's 'Herschel' nodig.

"Informatie over de voorbij Neptunus gelegen objecten zou enorm bijdragen aan onze kennis over de vorming van het zonnestelsel," zegt sterrenkundige Emmanuel Lellouch van het Observatoire de Paris in Meudon. In ons zonnestelsel bevinden zich drie 'reservoirs' van mini-planeetjes en andersoortige, kleine objecten: de planetoïdengordel tussen Mars en Jupiter, de Kuipergordel en de 'Oortwolk' die ons hele zonnestelsel omringt.

Neptune
Neptune

De kometen die voor de eerste keer de zon voorbij scheren, komen uit de Oortwolk. Die is opgebouwd uit materiaal dat overbleef na het ontstaan van de grote gasplaneten (Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus). Maar de periodieke kometen, die regelmatig in onze buurt terugkeren, hebben duidelijk hun oorsprong in de Kuipergordel. In tegenstelling tot de kometen uit de Oortwolk - genoemd naar de Nederlandse sterrenkundige Jan Hendrik Oort (1900-1992) - kunnen zij weleens een heel andere chemische samenstelling hebben. Vermoed wordt dat objecten in de Kuipergordel ontstaan zijn uit de oorspronkelijke stof- en gaswolk waaruit ons zonnestelsel 4,6 miljard jaar geleden werd gevormd.

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.