Musea tonen historie Nederlands ruimteonderzoek

Werkzaamheden in 1965 aan apparatuur voor één van de eerste Nederlandse raketexperimenten
28 september 2007

Bij de Sterrenwacht Sonnenborgh in Utrecht en het Universiteitsmuseum in Groningen zijn vanaf 5 oktober exposities te bezoeken over de Nederlandse wetenschappelijke bijdragen aan vijftig jaar ruimtevaart.

De exposities kwamen tot stand in samenwerking met het Nederlands ruimteonderzoeksinstituut SRON. Ze worden geopend op 4 oktober, exact een halve eeuw na de lancering van de Spoetnik.

Ongeloof en verbijstering. Dat waren de eerste reacties op het bericht op 4 oktober 1957 dat de Russen erin geslaagd waren de Spoetnik in een baan rond de aarde te brengen. Oud SRON-directeur Kees de Jager kan er nog steeds om lachen: "Toen ik las dat de Spoetnik 80 kilo zou wegen, ging ik ervan uit dat het een drukfout was en dat het 8 kg moest zijn. Tot mijn verbazing bleek het toch waar te zijn."

Niettemin waren de Nederlanders er als de kippen bij om de nieuwe mogelijkheden die ruimtevaart bood te exploreren. De internationaal leidende rol van Nederland op het gebied van wetenschappelijk ruimteonderzoek was daarmee vanaf het begin van de ruimtevaart gevestigd.

ANS

Plaatsing in de vroege jaren zestig van een Utrechts instrument in een Veronique-raket in de Sahara

Grote drijfveer was de wetenschap. De mogelijkheid met telescopen de aardse atmosfeer te ontstijgen opende een geheel nieuw blikveld op het heelal. Licht in golflengten die het aardoppervlak niet bereiken, zoals röntgen- en infraroodstraling, is vanuit de ruimte wel waar te nemen.

De Nederlandse ruimteonderzoekers, sinds 1983 verenigd in het ruimteonderzoeksinstituut SRON, bleken vooral goed te zijn in het ontwikkelen van extreem gevoelige apparatuur om deze waarnemingen te verrichten. Baanbrekende en spraakmakende bijdragen aan internationale wetenschappelijke ruimtemissies waren het gevolg.

In 1974 werd zelfs een volledig Nederlandse satelliet, de Astronomische Nederlandse Satelliet ANS, gelanceerd, vol met meetapparatuur van de Nederlandse ruimteonderzoekers en technologie van Philips en Fokker, het huidige Dutch Space.

De compacte expositie 'Lift-off!' in het Gronings Universiteitsmuseum volgt, tegen de achtergrond van de internationale ruimtevaart, de ontwikkelingen van het Nederlands ruimteonderzoek langs de lijn van infraroodwaarnemingen. De satellieten IRAS, ISO en het onlangs door SRON afgeleverde ruimte-instrument HIFI passeren de revue. Topstuk in de expositie is een echt testmodel van de ANS. De expositie wordt op 4 oktober geopend door de Nederlandse astronaut Wubbo Ockels.

Het beeld 'De Spoetnikkijker' met enkele ruimteonderzoekers van het eerste uur

'Signalen uit de Ruimte' in de Utrechtse sterrenwacht Sonnenborgh begint met de waarnemingen van de Spoetnik, zoals die op verzoek van de Russen vanuit Utrecht zijn gedaan.

Daarnaast komt het ruimteonderzoek naar zon en sterren aan bod, te beginnen met voor huidige begrippen simpele 'telbuizen', tot de geavanceerde apparatuur die nu op de röntgensatelliet XMM-Newton in de ruimte actief is.

Hiermee onderzoeken sterrenkundigen de röntgenstraling uit de buurt van zwarte gaten en andere exotische objecten. De opening op 4 oktober gaat gepaard met de onthulling van het beeld 'De Spoetnikkijker' dat de Nederlandse beeldhouwer Oswald Wenckebach in 1957 maakte. Het beeld wordt herplaatst in het park bij Sonnenborgh.

Bezoekersinformatie

De tentoonstelling 'Lift-off!' 50 jaar ruimtevaart en ruimteonderzoek in Groningen’ staat van 5 oktober 2007 tot 5 mei 2008 in:

Universiteitsmuseum Groningen
Oude Kijk in 't Jatstraat 7a
9712 EA Groningen
Tel: 050 3635083
www.rug.nl/museum

Openingstijden: di t/m zo 13.00 - 17.00 uur. Op feestdagen gesloten.
De tentoonstelling 'Signalen uit de Ruimte' is van 5 oktober 2007 tot 6 januari 2008 te bezoeken in:

Museum en Sterrenwacht Sonnenborgh
Zonnenburg 2
3512 NL Utrecht
Tel: 030-2302818
www.sonnenborgh.nl

Openingstijden: dinsdag t/m vrijdag van 11.00 tot 17.00 uur. Zon- en feestdagen van 11.00 tot 17.00 uur

Copyright 2000 - 2014 © European Space Agency. All rights reserved.